Bestel deze publicatie
annuleerbestel

Het 'natte' arbeidsrecht

Een 'baken voor de toekomst' van onze 'onder water gelopen' polder?

Het 'natte' arbeidsrecht
  • Jaar van uitgave 2018
  • 84 pagina's
Auteur:Gerdien van der Voet
Reeks:Bakelsinstituut
Rubriek: Juridisch Arbeidsrecht en socialezekerheidsrecht
Icon_printbook 978‐94‐6290‐571‐9 | paperback | 1e druk | ±€ 15,00

Op 12 oktober 2018 sprak Gerdien van der Voet ter gelegenheid van de aanvaarding van het ambt van bijzonder hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, met als leeropdracht Bijzondere arbeidsverhoudingen – de zeevarende, haar inaugurele rede uit.

In deze rede gaat Van der Voet in op het bijzondere karakter van de arbeidsverhouding van de zeevarende en de rechtvaardiging daarvoor. Vervolgens gaat zij in op de plaats van het maritieme (‘natte’) arbeidsrecht ten opzichte van het gewone (‘droge’) arbeidsrecht en het handelsrecht. De meeste aandacht besteedt zij echter aan de vraag wat het ‘droge arbeidsrecht’ van het ‘natte arbeidsrecht’ kan leren. In een tijd van toenemende globalisering met de daarmee verband houdende internationale ‘race-to-the-bottom’ als het gaat om arbeidsvoorwaarden, kan men binnen het gewone arbeidsrecht volgens Van der Voet namelijk wat leren van de ervaringen die zijn opgedaan met het reguleren van de rechtspositie van de zeevarende. De zeevarende is als internationale werknemer bij uitstek werkzaam binnen de oudste en meest geglobaliseerde bedrijfstak ter wereld: de zeescheepvaart. Zo kan de inhoud en wijze van totstandkoming van het op 20 augustus 2013 in werking getreden Maritiem Arbeidsverdrag 2006 (MAV 2006) – dat inmiddels door 88 lidstaten is geratificeerd – wellicht tot inspiratie dienen als het gaat om het streven binnen het ‘droge arbeidsrecht’ naar ‘fair globalization’ (waarbij uitbuiting van werknemers geen concurrentievoordeel oplevert). Om die reden gaat Van der Voet in haar rede onder meer in op de verschillende factoren die hebben bijgedragen aan het succes van dit verdrag en beziet zij of deze succesfactoren mogelijk te transporteren zijn naar andere bedrijfstakken.

Tot slot kondigt Van der Voet aan een rechtsvergelijkend onderzoek te zullen verrichten naar de werkingssfeer van het MAV 2006, aangezien ruim gedefinieerde kernbegrippen daaruit als het begrip ‘zeevarende’ en ‘schip’ door de lidstaten op verschillende wijzen nader worden ingekleurd, hetgeen leidt tot onduidelijkheid en rechtsongelijkheid.

Auteursinformatie

Gerdien van der Voet (1975) promoveerde in 2005 aan de Erasmus School of Law (ESL) in Rotterdam. Zij doceerde de afgelopen jaren als universitair docent onder meer het vak Bijzondere arbeidsverhoudingen binnen de succesvolle Master Arbeidsrecht in Rotterdam. Onder haar redacteurschap kwam ook de bundel Bijzondere arbeidsverhoudingen tot stand. Zij is voorts onder meer als redacteur verbonden aan AR Updates en het Tijdschrift Arbeid en Onderneming (TAO). Naast haar aanstelling aan de ESL is zij tot slot werkzaam als arbeidsrechtadvocaat bij AKD.