Bestel deze publicatie
annuleerbestel

De eigen(aardig)heid van de kantonrechter

Over de verschillen tussen het proces(verloop) bij de kantonrechter en de civiele rechter en de betekenis daarvan

De eigen(aardig)heid van de kantonrechter
  • Jaar van uitgave 2017
  • 262 pagina's
Auteur:Kim van der Kraats
Reeks:Montaigne reeks (deel 5)
Rubriek: Juridisch Burgerlijk (proces)recht
Icon_printbook 978‐94‐6290‐414‐9 | paperback | 1e druk | € 44,00
Icon_ebook 978‐94‐6274‐752‐4 | digitaal boek | € 31,99

De wetgever roemt de snelheid, toegankelijkheid, professionaliteit en attitude van de kantonrechter. Mede om die reden is de competentie van de kantonrechter in 2011 verruimd ten koste van de civiele rechter. De vraag is echter of de door de wetgever geroemde eigenschappen de kantonrechter daadwerkelijk onderscheiden van de civiele rechter. Zijn de kantonrechter en de civiele rechter écht verschillende rechters? Geven ze een verschillende uitleg aan het procesrecht? Of hebben ze verschillende opvattingen over wat de taak van de rechter is? Kortom: bestaat de ‘veronderstelde ‘eigenheid’ van de kantonrechter? Aan de hand van dossieronderzoek en interviews met (kanton)rechters worden die vragen in dit proefschrift beantwoord.
Vervolgens wordt stilgestaan bij de vraag welke consequenties de gevonden verschillen en overeenkomsten hebben voor de kwaliteit van het civiele proces. Gaat het om eigenheden die als voorbeeld kunnen dienen of gaat het om eigenaardigheden die aanpassing behoeven? Om deze vraag te kunnen beantwoorden wordt een kwaliteitskader geschetst en worden – in het licht van eerder gedane verbetervoorstellen – aanbevelingen aan de wetgever en de rechterlijke macht gedaan om de kwaliteit van het civiele proces te verbeteren.
Aldus is dit proefschrift een synthese van empirisch en normatief rechtsplegingsonderzoek.

Dit is een publicatie in de reeks van het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing, Universiteit Utrecht.

Auteursinformatie

Kim van der Kraats (1981) is na het behalen van haar middelbareschooldiploma aan het Vossiusgymnasium in Amsterdam in 1998 gestart met de studies Klassieke talen en Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Amsterdam. Al snel heeft zij Klassieke talen verruild voor Geschiedenis en in 1999 is zij ook een studie Italiaans gestart. Een half jaar heeft zij Rechten gestudeerd aan de Universitá degli Studi di Siena. In 2002 is zij afgestudeerd in Nederlands recht (richting strafrecht en criminologie) en in Internationaal recht. In 2003 is zij afgestudeerd in Oude geschiedenis en in 2004 in Italiaanse taalkunde. In 2004 is zij gestart met de raio-opleiding, die zij heeft gevolgd in Groningen, Amsterdam en in Alkmaar. Haar buitenstage heeft zij doorgebracht in de advocatuur en bij het Joegoslavië-tribunaal in Den Haag. Na afronding van de raio-opleiding in 2010 is zij bij de rechtbank Utrecht gaan werken (bij kanton). Sinds augustus 2015 is zij kantonrechter in Amsterdam. Tijdens haar loopbaan in de Rechtspraak heeft zij vele nevenfuncties vervuld. Zo geeft zij regelmatig les, publiceert zij en zit zij in de redactie van verschillende tijdschriften. Ook is zij van 2014-2017 lector civiel recht geweest bij SSR, het opleidingsinstituut voor de rechterlijke macht, en bestuurslid bij de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak.